VAE ruilen olie voor AI om brug te slaan naar het Globale Zuiden
De Verenigde Arabische Emiraten willen de wereld's snelste AI-adopter worden en positioneren zich als technologische brug tussen het Westen en het Globale Zuiden — maar die ambitie speelt zich af in een gevaarlijke omgeving, met Iraanse aanvallen op Emiratische datacenters.
Geen enkel land ter wereld heeft kunstmatige intelligentie zo snel omarmd als de Verenigde Arabische Emiraten (VAE). Abu Dhabi en Dubai transformeren zich in rap tempo van olie-exporteurs naar mondiale AI-hubs, mede dankzij de aanvoer van de nieuwste Amerikaanse chips.
De VAE mikken expliciet op een rol als technologische bruggenbouwer naar het Globale Zuiden — de grote groep opkomende economieën in Afrika, Azië en Latijns-Amerika die door grote mogendheden fel wordt omworven. Met hun geografische ligging en diplomatieke netwerken zien de Emiraten een unieke kans om westerse AI-technologie door te sluizen naar regio's die anders buiten de boot vallen.
Die ambitie krijgt echter gestalte in een riskante omgeving. Midden in de Amerikaanse en Israëlische druk op Iran richt de Iraanse Revolutionaire Garde zijn pijlen herhaaldelijk op grote Emiratische datacenters. De VAE balanceren daarmee tussen westerse technologiepartners en regionale veiligheidsdreiging — een spagaat die hun AI-strategie kwetsbaar maakt.
De geopolitieke dimensie is groot: de VS leveren geavanceerde chips aan de VAE, terwijl Washington tegelijkertijd probeert te voorkomen dat die technologie doorstroomt naar China of andere rivalen. De Emiraten moeten Washington geruststellen over exportcontroles, zonder hun bredere diplomatieke neutraliteit op te geven.